Provincie Antwerpen

Vleermuizen

Vleermuiskolonie

Hoewel vleermuizen wereldwijd in grote aantallen  voorkomen, hebben ze het in West-Europa knap lastig. Bomen worden gekapt, spouwmuren opgevuld en oude gebouwen gerenoveerd. Zo verliezen ze hun jachtgebieden en overwinteringplekjes. De forten rond Antwerpen zijn cruciaal voor de overleving van de vleermuiskolonies in ons land want hier vinden de dieren wat ze nodig hebben: natuur, rust en koele maar vorstvrije donkere ruimtes waar ze van oktober tot april kunnen wegzinken in een ongestoorde winterslaap.

De ondergrondse gangen en kamers van het Spoorwegfort trekken vleermuizen aan. Gemiddeld huizen er zo’n veertig dieren en hun aantal neemt toe. Vleermuizen zijn beschermde dieren, dat wil zeggen dat je hun verblijfplaats niet mag beschadigen en dat je de dieren niet mag vangen of doden.

Echo-trippers

Ook in het pikdonker kunnen vleermuizen tegen hoge snelheid rondvliegen, tegelijk insecten vangen en toch nergens tegenaan botsen. Dat komt omdat ze niet zien met hun ogen, maar met hun oren. Vleermuizen gebruiken net als dolfijnen en walvissen echolocatie of sonar. Ze produceren hoge tonen of trillingen die demens niet kan horen. Hun kreetjes botsen tegen voorwerpen en worden teruggekaatst. Door de terugkerende echo’s kunnen vleermuizen perfect obstakels lokaliseren en insecten vangen.  

Vleermuizen maken ook piepende geluidjes die wij wel kunnen horen. Dit gebruiken ze niet om te vliegen, wel om met elkaar te kibbelen of hun woonplek te verdedigen. 

Hoogvliegers

Vleermuizen zijn de enige zoogdieren ter wereld die kunnen vliegen. In plaats van veren gebruiken ze een unieke ‘vlieghuid’ waarmee ze  door de lucht scheren.  In Vlaanderen leven 17 soorten vleermuizen. De meest voorkomende zijn de dwergvleermuis, de watervleermuis, de baardvleermuis en de oranjestaart.

Slaapkopjes

Vleermuizen houden niet zo van de winter. Ze voeden zich met insecten en die zijn er dan amper te vinden. Tijdens koude periodes trekken ze zich terug en houden een winterslaap. Om energie te besparen laten ze hun temperatuur zakken tot tegen het vriespunt. Ze bewegen niet meer en lijken zelfs dood. Sommige soorten kruipen in een kier, andere hangen liever stokstijf ondersteboven. Tijdens hun winterslaap zijn vleermuizen erg kwetsbaar. Als ze gestoord worden en wakker worden, vraagt dat zoveel energie dat ze van de inspanning kunnen sterven.